Atacamaweb

Dag 2 – Van een Thais ontbijt tot een donker ritje over de markt

Moe waren we al na de vliegtuigovernachting, maar na een biertje (die hier ongeveer per liter gaan – zoiets iig), dus je kunt je voorstellen dat het slapen geen probleem vormde. Warm was het wel, en het heeft ook flink geregend!
Vroeg wakker, en op zoek naar een ontbijtje. In ons toeristenstraatje waren er alleen westerse ontbijtjes, dus dan maar op zoek naar een echte thai. In mijn beste Thai een kommetje rijstsoep besteld (een gewoon ontbijt alhier) en we kregen een heerlijk kom noodle soep. Ach ja, nog een beetje bijschaven! Maar smakelijk was het wel (voor een ontbijt!).

We hadden gisteren bedacht vandaag al door te trekken naar Khao Yai, maar niet zonder nog een aantal meer tempels te bezoeken. Links rijden is nog niet helemaal een gewoonte geworden, maar de Thaise rijstijl wil al aardig lukken bij Paul. Je auto ergens tussen gooien is ook een techniek, die vooral van pas komt met mijn kaartleestechnieken… Maar eerlijk gezegd brengt die ons wel bij de mooiste plekjes (onbewust dan..!) – tempels waar geen toerist te bekennen is maar wel borden met engelse uitleg. Bij een andere tempel iets verder van de weg stond ook een veelbelovend bord, wat we bereikten met natte modder slippers (nee, Paul heeft al zijn slippers aan zijn voeten gehouden), bleek het bord in Thai en de rest van de tempel zeker 40cm onder water te staan. Ach ja.

20121015-215858.jpgVerder een tempel bekeken met wederom een reuze Boeddha en dit keer ook een Groene Boedha (die er zwart uitzag, maar ja, na 700 jaar kunnen kleuren er anders uit gaan zien). Speciaal was wel dat deze tempel niet door de Birmezen was verwoest, en er dus nog in volle glorie bij stond. De tempel wordt ook echt nog als zodanig in ere gehouden, met monniken die bidden en af en toe een blikje fris uit de koelkast halen.

20121015-215950.jpgNa tempel 3 met een scheve torenspits hadden we we er wel genoeg gezien en vervolgden we onze binnendoor route richting Pak Chong. Ik heb me nu ook maar weer achter het stuur gewaagd, en zoals Paul zei, viel het best mee. Met wat tussen stopjes om (tamme) olifanten te fotograferen en in een echte thaise file te staan (wanneer er aan de weg wordt gewerkt blijkt toch ook de Thai gedwongen te worden zijn snelheid aan te passen en zich niet met 3 wagens tegelijk over een 2baans weg te persen) schoten we aardig op. Wel flinke regenbuien onderweg.
We wilden een geplande stop maken bij Nam Tok Nam Lam, een waterval volgens de kaart. Midden in een heftige regenbui kwamen we aan, en de beste mensen bij de ingang keken ons wat bevreemd aan, maar we mochten doorrijden (terwijl toegang tot het Nationale Park gewoonlijk 200B kost??). Niet zo gek, want langs de kant van de weg liep al een stroompje dat hier en daar voor waterval kon doorgaan.

Maar, je bent geen Hollander als je niet tegen een beetje regen kunt, vooral niet als je Runstraat heet, en dus staken wij ons in onze regenkleding en liepen op onze slippertjes tegen de waterval omhoog. Nadat een aantal twijfelgevallen (is dit nu al de waterval?) kwamen we toch ontegenzeggelijk bij de echte waterval uit… het was indrukwekkend, zelfs in de stromende regen. Foto’s maken iets lastiger, maar het staat in ons geheugen gegrift. Net zoals de weg naar beneden, die enigszins glibberig was (en weer hield Paul beide slippers aan zijn voeten!).

De Thai keken nog steeds bevreemd toen we het terrein weer verlieten. Nu voor het grootste gedeelte snelweg door naar Khao Yai. Het hotel waar ik destijds verbleef is niet meer te vinden, en dus kloppen we maar ergens anders aan. Een ruime kamer met TV nemen we niet aan, maar een kleinere kamer met gedeeld toilet (we hoeven alleen maar te delen met de 100 muggen – er zijn geen andere toeristen!) kost maar 250B en slaapt net zo goed.

We moeten geld bijhalen en rijden dus nog even terug naar Pak Chong. Een druk stadje. We parkeren de auto en lopen over de markt. Het valt mij mee – we worden wel aangekeken, maar naar mijn gevoel niet zoveel als ‘vroeger’. Maar we bevinden ons natuurlijk nog in toeristen gebied (in het hoogseizoen dan). We kopen wat fruit en 2 bekertjes en wat andere boodschappen en strijken dan neer bij een lokaal tentje voor een local Thai diner. Met Som Tam, papaya salad… die smaak heb ik thuis toch nooit kunnen bereiken..!

In het donker dan weer terug naar hotel. De tom tom zegt met een U-turn rechtsom terug, maar door een ondoorbroken stroom tegenliggende auto’s besluiten we toch maar linksom via de stad terug te gaan. En daar staan we vast achter de vuilniswagen…
Na een tijdje kan die aan de kant en laat ons voor, Paul neemt zijn kans waar en duikt ervoor. Volgens ons beiden moesten we rechtdoor, maar algauw raakt de TomTom het spoor bijster… niet zo gek, daar we spontaan dwars door de overdekte markt rijden!!!
Gelukkig is deze minder druk later op de avond, en past het allemaal precies… wederom laten we een spoor van bevreemde Thai achter…

Terug in het hotel tijd voor een snelle duik in het hotel-zwembad, en dan even nagenieten en dit verhaaltje schrijven in de lobby. Vakantie is nog steeds leuk, en Thailand nog steeds geweldig!

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.